woensdag 14 april 2010

Kastanjeziekte, wat kan een boomverzorger er mee?

De complexiteit rond deze ziekte bij kastanjebomen is groot. Mede omdat een duidelijke oorzaak tot op heden niet kan worden vastgesteld. Onderzoekers wijzen een Pseudomonas bacterie aan. Deze bacterie wordt aangetroffen in de aangetaste plekken op stam en takken en lijkt daarmee de oorzaak te zijn. In werkelijkheid kan een dergelijke aantasting alleen secundair zijn. De oorzaak ligt in een vorm van verzwakking waardoor pathogenen toegang krijgen toe een organisme. Het is eenmaal een gegeven dat van alle bekende plantziekten er werkelijk niet één de oorzaak is. Aantastingen van bomen en andere planten zijn altijd secundair. Het heeft dus geen zin om sympthomen van ziekten op planten te onderdrukken. Soms helpt dit om een plant door een zwakke periode te helpen. Meestal zijn dit soort behandelingen slechts voor korte tijd effectief, zodat herhaald moet worden gespoten met een keur aan middelen. Niet zelden leidt dit weer tot resistentie van de ziekteveroorzakers met alle gevolgen van dien.

De kastanjeziekte is een uiting van een complex van verzwakkende factoren. Het zit bij ons mensen nu eenmaal niet tussen de oren dat een boom die al langere tijd een matige bladstand heeft wordt gezien als een potentieel zieke boom. Niet elke boom die normaal groen lijkt te zijn is ook gezond. Bovendien doen bomen er langer over om ziekten te uiten dan kleinere planten.

Behandeling:
Om te beginnen moet er worden gezorgd dat de wortels weer aan het werk gaan. Dat kan door ervoor te zorgen dat er weer voldoende mycorrhiza-sporen bij de w
ortels terecht komen. De kastanjeboom leeft in symbiose met Endomycorrhiza. De sporen van deze schimmel zijn tot een halve millimeter groot (voor schimmelsporen is dat extreem groot). Deze sporen moeten dus worden aangebracht waar de wortels zijn of binnen een half jaar zullen zijn. De sporen laten zich niet in de grond spoelen en zakken ook niet vanzelf weg (een pingpongbal kan niet worden ingespoeld). Het beste kunnen de sporen bij de wortels worden gebracht door ze met maximaal 4 bar in de grond te injecteren tot een diepte van - 15 tot - 40 cm. Daarnaast moeten gelijktijdig specialistische bacteriën worden meegegeven die meer functies hebben dan hier kan worden beschreven. Het injecteren wordt uitgevoerd met PHC Injectable Universeel. Dit product bevat ondermeer voor kastanjebomen afgestemde mycorrhiza-sporen, 6 verschillende bacteriestammen en humuszuren. De injectie van mycorrhiza-sporen is een éénmalige behandeling.
Er van uitgaande dat er voldoende beschikbaar Calcium en andere mineralen
in de grond zit kan de opname hierdoor al worden verbetert. Als de boom na de behandeling (kan het beste in voor- en najaar worden gedaan omdat er dan wortelgroei is) weer het eerste volledige blad heeft is het van belang om een bladbespuiting uit te voeren met het eiwit Harpine. Dit eiwit zorgt voor een aantal belangrijke processen in het blad en de rest van de boom. Op de eerste plaats wordt Calcium gemobiliseerd tot in de receptorcellen, zodat er weer een natuurlijke afweer ontstaat tegen aantasting door schimmels, bacteriën, virussen en insecten omdat er weer Jasmonzuur en Acetylzuur wordt aangemaakt. Door de bladbespuiting blijft het blad gezond en kan er een volledige fotosynthese plaatsvinden. Dit heeft weer tot gevolg dat de wortels en daarmee de symbionten goed worden gevoed.

Neem contact met ons op via telefoonnummer: 0511 - 480190!

Voor meer informatie: www.frisiabergum.nl